Geplaatst op

Mijn partner houdt niet van spontaan bezoek

RUST & RUIMTE

over stilte, geluid en betekenisvol leven

Mijn partner houdt niet van spontaan bezoek

Ik dacht lange tijd dat hij er gewoon geen zin in had. Totdat ik begon te begrijpen wat onverwachte drukte met hem doet.

Esther van den Bergakoestisch adviseur

Leestijd: 10 minuten – prikkelverwerking, relaties, overprikkeling

Voor dit artikel sprak ik met een goede vriendin die ik al jarenlang ken. Ik zag van dichtbij hoe zij en haar man regelmatig tegen hun verschillen aanliepen, maar ook hoe begrip uiteindelijk ruimte tussen hen bracht.

Het is een eer dat zij mij haar verhaal heeft toevertrouwd en dat ik het op papier mag zetten.

Stapelverliefd

Mijn man en ik kennen elkaar al vanaf onze tienerjaren. We waren jong en stapelverliefd.

In die periode zagen we vooral hoeveel we op elkaar leken. We konden eindeloos praten, samen lachen en dromen over de toekomst. Al op jonge leeftijd besloten we samen te gaan wonen, te trouwen en een leven met elkaar op te bouwen.

Pas toen we langere tijd samenwoonden, werden onze verschillen duidelijker.

Ik had behoefte aan mensen om mij heen. Aan gezelligheid, vrienden, uitjes en plannen die soms spontaan ontstonden. Ik wilde eropuit en met volle benen in de wereld staan.

Mijn man vond veel van die dingen ook leuk, maar liever gepland en afgebakend. Hij wilde weten waar we naartoe gingen, wie erbij zouden zijn en hoe lang iets ongeveer duurde. Thuis, met weinig reuring, voelde hij zich vaak het prettigst.

Wat eerst een klein verschil leek, begon steeds meer ruimte in te nemen.

Ik begon voor hem te denken. Vooral spontaan bezoek werd een gevoelig punt.

Zodra de deurbel ging, was ik niet meer alleen bezig met wie er voor de deur stond. Ik hield ook zijn reactie in de gaten.

Soms dacht ik zelfs: jij bent helemaal niet leuk.

Ik dacht vooruit. Zou hij zichtbaar laten merken dat hij dit vervelend vond? Zou hij zich terugtrekken? Zou het bezoek zich ongewenst voelen?

Daar speelde ook schaamte in mee. Ik vond het moeilijk om tegen vrienden en familie te zeggen dat mijn man niet van spontaan bezoek hield. Ik wilde dat zij ons als een leuk en gastvrij stel zagen.

Dus probeerde ik te compenseren. Ik praatte extra veel, hield de sfeer in de gaten en probeerde alles soepel te laten verlopen en hoopte maar dat niemand door zou hebben dat hij ier eigenlijk helemaal niet op zat te wachten. 

Op een gegeven moment merkte ik zelfs dat ik het prettig vond als hij aan het werk was en ik alleen thuis was. Niet omdat ik hem niet om mij heen wilde hebben, maar omdat ik dan niet voor hem hoefde te denken.

Als er dan iemand onverwacht langskwam, kon ik gewoon blij zijn. Ik wilde dat hij veranderde.

Hoe meer ik probeerde op te lossen, hoe geïrriteerder ik op hem raakte. Ik wilde dat hij beter kon schakelen. Dat hij enthousiast reageerde op een uitje. Dat hij blij opstond als de deurbel ging.

Ik wilde simpelweg een partner voor wie ik niet voortdurend hoefde na te denken.

Zonder dat ik het goed doorhad, probeerde ik hem te veranderen. Niet alleen omdat ik wilde dat hij meer zou genieten, maar ook omdat ik zelf niet langer op spanning wilde staan.

Soms dacht ik zelfs: jij bent helemaal niet leuk.

Dat voelde verwarrend.

We hielden van elkaar, konden het ontzettend fijn hebben en hadden nog steeds veel overeenkomsten. Toch leken juist deze verschillen steeds meer tussen ons in te komen staan.

Het kantelpunt kwam tijdens een gesprek met een goede vriendin. Met haar besprak ik alles open en eerlijk, dus ook mijn frustratie.

Ze luisterde en vroeg toen: “Heb je je weleens afgevraagd wat er op zo’n moment in hem gebeurt?”

Tot dan toe had ik vooral gekeken naar wat ik aan de buitenkant zag. Zijn gebrek aan enthousiasme. Zijn behoefte om thuis te blijven. Zijn moeite met onverwachte plannen.

Mijn conclusie was meestal eenvoudig: hij heeft er geen zin in.

Maar mijn vriendin vroeg: “Denk je dat hij deze dingen gewoon niet leuk vindt? Of doen die situaties misschien iets met hem wat jij niet ziet?”

Die vraag bleef hangen. Niet: waarom doet hij zo? Maar: wat gebeurt er eigenlijk in hem?

Voor het eerst probeerde ik te begrijpen. Ik besloot met hem in gesprek te gaan. Niet tijdens een ruzie en niet op een moment waarop de irritatie alweer hoog was opgelopen.

Wanneer zich daarna een situatie voordeed waarin ik normaal direct zou reageren, vroeg ik: “Wat gebeurt er nu precies in jou?”

Hij was verbaasd. Eerlijk is eerlijk: daarvoor had ik hem die ruimte nauwelijks gegeven. Ik liet vooral merken dat ik teleurgesteld of geïrriteerd was.

Nu probeerde ik eerst te luisteren. Ik zei tegen hem:

“Ik denk dat wij elkaar pas echt kunnen vinden als ik begrijp wat deze situaties met jou doen. Maar ik heb ook nodig dat jij begrijpt wat jouw reactie met mij doet.”

Dat gesprek veranderde niet meteen alles.

Maar voor het eerst stonden we niet meer tegenover elkaar. We keken samen naar hetzelfde probleem.

Dezelfde kamer, een andere ervaring

 Hoe meer hij vertelde, hoe meer ik besefte dat ik oprecht niet begreep hoe prikkels bij hem binnenkwamen.

Als ik met een boek op de bank zit en er wordt in de keuken gekookt, kan ik gewoon doorlezen. Ik hoor de afzuigkap, de pannen en de kastjes, maar die geluiden verdwijnen vanzelf naar de achtergrond.

Bij mijn man gebeurde dat niet.

De kraan ging lopen.

Een pan werd neergezet.

Een kastdeur viel dicht.

Ieder geluid trok hem opnieuw uit zijn boek.

Ik had altijd gedacht dat wij hetzelfde hoorden en dat hij zich er alleen meer aan ergerde. Pas toen begon ik te begrijpen dat horen en verwerken niet hetzelfde zijn.

Dezelfde kamer. Hetzelfde boek. Dezelfde geluiden.

Maar niet dezelfde ervaring.

Samen naar de therapeut

Omdat we meer inzicht wilden, gingen we samen naar de huisarts en daarna naar een therapeut.

Niet omdat mijn man gerepareerd moest worden. We wilden begrijpen hoe hij functioneerde en wat het verschil tussen ons betekende.

De uitleg van de therapeut was eenvoudig, maar veranderde veel.

Onze hersenen ontvangen voortdurend prikkels: geluiden, bewegingen, geuren, aanrakingen, licht, gedachten en signalen uit ons lichaam. Om te kunnen functioneren, wordt een groot deel daarvan automatisch gefilterd.

De therapeut vergeleek dat filter met een zeef.

Bij sommige mensen is de zeef fijnmazig. Veel informatie wordt tegengehouden of naar de achtergrond verplaatst. De prikkels zijn er wel, maar vragen niet allemaal bewuste aandacht.

Bij andere mensen is de zeef grofmaziger. Er glippen meer prikkels doorheen. Geluiden, bewegingen en andere indrukken blijven nadrukkelijker aanwezig en moeten worden verwerkt.

Begrip veranderde onze relatie.

De uitleg van de therapeut was voor mij bijna levensveranderend. Voor het eerst zag ik de reactie van mijn man niet meer alleen als onwil. Ik begon te zien hoeveel informatie er op zulke momenten bij hem binnenkwam en hoeveel energie het hem kostte om te schakelen.

Mijn behoefte aan gezelligheid verdween daardoor niet. Ik wilde nog steeds mensen zien, eropuit gaan en soms iets spontaan doen.

Maar we konden er nu anders over praten. Ik hoefde niet meer automatisch voor hem te denken. Hij leerde eerder uit te spreken wat hij nodig had.

Soms betekent dat dat bezoek vooraf wordt aangekondigd. Soms spreken we af hoelang iets ongeveer duurt. Soms gaat hij mee en neemt hij daarna tijd om te herstellen. En soms ga ik alleen.

We proberen elkaar niet meer hetzelfde te maken. We proberen ruimte te maken voor het verschil.

De deurbel klinkt nog steeds hetzelfde. Mijn man houdt nog steeds niet van spontaan bezoek.

Ik vind het nog steeds gezellig wanneer iemand onverwacht voor de deur staat. De deurbel klinkt niet anders dan vroeger.

Maar wat er daarna tussen ons gebeurt, is wel veranderd. Ik begrijp dat zijn eerste reactie niet automatisch iets zegt over zijn liefde voor mij, onze vrienden of ons gezamenlijke leven. En hij begrijpt beter wat zijn reactie met mij kan doen.

Onze verschillen zijn niet verdwenen, maar nu kunnen we ze zien.

En soms begint begrip niet met een oplossing, maar met een eenvoudige vraag:

Wat gebeurt er op dit moment eigenlijk in jou?

Hoe werkt prikkelverwerking?

Ieder moment van de dag krijgen onze hersenen veel informatie te verwerken. We horen geluiden, zien bewegingen, voelen aanrakingen en merken geuren, licht en temperatuur op. Ook gedachten, emoties, vermoeidheid, honger en pijn zijn prikkels.

Niet al die informatie krijgt evenveel aandacht. Onze hersenen selecteren voortdurend wat op dat moment belangrijk is. Andere prikkels worden gedempt of naar de achtergrond verplaatst.

Die filtering werkt niet bij iedereen hetzelfde. Je kunt prikkelverwerking vergelijken met een zeef.

Illustratie van gemiddelde prikkelverwerking waarbij het brein achtergrondgeluiden en andere prikkels filtert tijdens een gesprek.
Bij een fijnmazige zeef wordt veel informatie tegengehouden of naar de achtergrond geplaatst. Daardoor blijft dat over wat op dat moment belangrijk is.
Ilustratie van hoogsensitiviteit en overprikkeling waarbij meerdere prikkels tegelijk het brein binnenkomen en verwerkt moeten worden.
Bij een zeef met grotere openingen komen meer prikkels door. Geluiden, bewegingen en andere indrukken blijven dan sterker aanwezig en vragen meer verwerking.

Dat betekent niet dat iemand beter hoort of meer ziet. Het verschil zit vooral in wat het brein met die informatie doet.

Wanneer veel prikkels tegelijk binnenkomen, kost het meer moeite om de aandacht vast te houden, te schakelen of te ontspannen. Zeker na een drukke dag, weinig slaap of veel spanning kan de hoeveelheid prikkels sneller te veel worden.

Een andere prikkelverwerking is niet goed of fout. Iemand die veel details opmerkt, kan juist gevoelig zijn voor sfeer, veranderingen en nuances. Diezelfde gevoeligheid kan in een drukke omgeving ook veel energie kosten.

 

Herken jij iets van jezelf in dit verhaal? Of zie je iemand in je omgeving ineens met andere ogen?

Misschien heb jij zelf ervaren hoe het is wanneer prikkels anders binnenkomen. Of misschien heb je lang gedacht dat iemand ongezellig, afstandelijk of moeilijk was, terwijl er iets anders achter bleek te zitten.

Ik hoor graag jouw eerlijke verhaal.

Wat hielp jou om jezelf of de ander beter te begrijpen?

Geplaatst op

Waar stilte niet stil hoeft te zijn

RUST & RUIMTE

over stilte, geluid en betekenisvol leven

Ik wil een trekking gaan doen in Nepal.
Wil je mee?

Wat die reis mij bracht, zou jij nooit vantevoren kunnen bedenken.

Esther van den Bergakoestisch adviseur

Leestijd: 9 minuten – Nepal, reizen, reflectie

28 jaar en vrijwel overal voor in. Dat was waarschijnlijk ook wat een vriend van mij dacht toen hij vroeg:

“Zullen we een trekking gaan doen in Nepal?”

Lang dacht ik niet na hierover en voelde meteen enthousiasme. Mijn antwoord was ongeveer: “Ja leuk!”

Niet veel later waren de tickets geboekt. Vier weken Nepal, met daarin een trekking van ruim twee weken.

Ik had nog nooit langer dan één dag gewandeld. Ik was nog nooit in Azië geweest en had me ook nooit serieus verdiept in trekkings, hoogteziekte of slapen op houten planken.

Maar goed. Hoe moeilijk kon het zijn?

Moest ik hiervoor trainen?

De eerste persoon die vroeg hoeveel ik voor de trekking aan het trainen was, zorgde voor een klein moment van verwarring.

Trainen?

Tot dat moment was ik ervan uitgegaan dat ik dit gewoon zou kunnen. Ik loop graag een paar kilometer hard voordat de dag begint, hou van volleyballen en stap graag op de mountainbike. Geen topsporter, maar prima conditie, een lichaam dat goed meewerkt en voldoende doorzetting om gewoon door te lopen.

Gelukkig was Bart, de vriend met wie ik ging, goed georganiseerd. Hij regelde de reis, de trekking, een gids en een drager. Ik kreeg een paklijst toegestuurd met daarop allerlei spullen waarvan ik het nut niet echt van inzag. 

Een echte schopper ben ik niet en dus schafte ik alles aan. Een slaapzak die geschikt was voor temperaturen onder nul, een speciale zonnebril tegen de weerkaatsing van de sneeuw, wandelstokken, goede bergschoenen en een afritsbroek. Dat laatste kocht ik, maar onder de belofte: nul foto’s van mij in die afritsbroek.

Spoiler: op vrijwel alle foto’s draag ik die broek – hij was fantastisch.

Een andere wereld

De aankomst in Nepal vond ik al fascinerend.

De luchthaven was druk en chaotisch. Mensen riepen door elkaar heen, overal bewoog iets en daarna kwam Kathmandu: verkeer, geuren, kleuren, geluiden en mensen, allemaal tegelijk.

Waar een ander misschien eerst moest wennen aan alle prikkels, keek ik vooral mijn ogen uit. Alles was nieuw en juist daarom wilde ik alles zien, horen en begrijpen.

Vanuit Kathmandu vlogen we naar Pokhara. Daar lieten we een deel van onze spullen achter. Alleen wat we echt nodig hadden, ging mee de bergen in.

Vroeg in de ochtend werden we opgehaald door onze gids en drager. We reden steeds verder richting het startpunt van de trekking.

De eerste dag liepen we nog over wegen waar af en toe een auto kon komen. Tijdens de tweede dag veranderde dat. De bewoonde wereld raakte steeds verder uit zicht.

Vanaf dat moment gingen we alleen nog te voet verder.

En ineens liep ik alleen

Onze gids benadrukte het belang van in je eigen tempo lopen en al snel liepen Bart en ik grote stukken los van elkaar. 

Ik liep wat sneller en vond het geweldig om steeds verder de bergen in te gaan. Vaak liep ik voorop, ergens in de buurt van onze drager. Bart liep verder achter mij, samen met de gids. Regelmatig gecheckt, dit was meer dan prima en tijdens de stops zagen we elkaar weer.

De drager sprak vrijwel geen Engels en ik geen Nepalees. Bovendien liep hij meestal niet naast me, maar gewoon ergens in de buurt.

En zo liep ik ineens alleen. Niet een paar minuten, maar uren achter elkaar.

Alleen met het geluid van mijn voetstappen, de natuur en mijn gedachten.

Daar, midden in de bergen, besefte ik iets:

Volgens mij was ik nog nooit eerder écht alleen geweest.

Ik kom uit een gezin met vier kinderen. Ik houd van gezelligheid, mensen, onverwachte plannen en spontaan bezoek. Ik dacht altijd dat ik vooral daarvan energie kreeg.

Rust, stilte en lange tijd alleen zijn kende ik eigenlijk nauwelijks.

En wat bleek? Ik vond het heerlijk.

Niemand vroeg iets aan me. Ik hoefde niets uit te leggen, te organiseren of op te lossen. Mijn gedachten hoefden nergens naartoe.

Het enige wat ik hoefde te doen, was mijn ene voet voor de andere zetten.

Een kop thee, een goed verhaal en een biertje

We kwamen meestal aan het einde van de middag aan bij een lodge. Voor de beeldvorming: met geluk een koude douche – zelden internet – en eten wat de pot schaft. Precies niets meer of minder dan een mens nodig heeft. Daar ontmoetten we andere trekkers uit allerlei landen.

Iedereen had een eigen reden om door de Himalaya te lopen. Sommigen droomden er al jaren van. Anderen wilden zichzelf fysiek uitdagen of afstand nemen van een moeilijke periode.

Mijn verhaal was meestal wat minder diepgaand. Bart vroeg of ik mee wilde en ik had ja gezegd.

De meeste trekkers dronken verstandig thee en gingen vroeg slapen. Ik had na een hele dag wandelen toch echt wel zin in een biertje en dus tegen alle adviezen in, is dat wat ik nam. 

De combinatie was perfect: uren alleen zijn en daarna weer mensen ontmoeten. Juist door de rust overdag leek ik ’s avonds beter te luisteren. Niet alleen wachten tot ik zelf iets kon zeggen, maar werkelijk horen wat iemand vertelde.

De stilte maakte me niet minder sociaal.

Ze maakte de ontmoetingen juist waardevoller.

Het was helemaal niet stil

Geen moment heb ik daar hoog in de bergen de stad, de drukte of het voortdurende geluid van mensen gemist. Maar stil was het in de Himalaya eigenlijk nooit.

Ik hoorde wind, stromend water, vogels, dieren en het ritme van mijn eigen voetstappen. De natuur produceert voortdurend geluid.

Toch voelde het stil. Misschien omdat die geluiden niets van mij wilden. Ik hoefde er niet op te reageren. Ik hoefde niets te beantwoorden, uit te zetten, te negeren of op te lossen.

De geluiden waren er gewoon. Dat verschil begrijp ik nu ook vanuit mijn werk als akoestisch adviseur steeds beter.

In mijn vak kijk ik naar geluid in ruimtes. Naar harde oppervlakken die geluid terugkaatsen, naar galm en nagalm en naar wat er gebeurt wanneer stemmen, apparaten en beweging zich in een ruimte blijven opstapelen.

Ik weet hoe een ruimte klinkt wanneer die akoestisch goed in balans is. Wanneer geluid niet voortdurend blijft rondzingen en je oren en hoofd niet onnodig worden belast.

Maar de rust in de bergen was anders.

Een goed ingerichte ruimte kan geluid verzachten. Materialen kunnen galm verminderen en ervoor zorgen dat een ruimte prettiger en rustiger aanvoelt.

Maar in Nepal verdween niet alleen de nagalm uit mijn omgeving.

Ook de voortdurende verwachting om ergens op te reageren verdween.

Misschien is dat het verschil tussen akoestische stilte en werkelijke rust

Akoestische rust ontstaat wanneer geluid zich prettig gedraagt in een ruimte. Wanneer het niet hard terugkaatst en je niet voortdurend overspoelt.

Werkelijke rust ontstaat wanneer ook jij zelf even nergens naartoe hoeft.

De bergen waren niet stil.

Maar ze vroegen niets van mij.

En misschien was dat wel de stilste plek waar ik ooit ben geweest.

Wat betekent rust voor jou?

Sinds die reis zie ik rust niet meer als de afwezigheid van geluid.

Rust ontstaat wanneer geluid, ruimte en aandacht met elkaar in balans zijn. Wanneer je omgeving je niet voortdurend uit jezelf haalt.

Soms vind je dat op een bergpad in Nepal.

Soms begint het gewoon thuis, in een ruimte waarin geluid niet langer alle kanten op blijft kaatsen.

Heb jij ook zo’n ervaring gehad? Een moment waarop het om je heen misschien niet stil was, maar jij toch echte rust voelde?

“Rust ontstaat wanneer je omgeving je niet voortdurend uit jezelf haalt.”

Geplaatst op

Welkom op onze blog

Beste bezoekers,

Op deze blogpagina willen we meest gestelde vragen en weetjes over geluidwerende gordijnen delen.Tevens houden wij u op de hoogte over nieuws met betrekking tot geluid.We beginnen met de meest gestelde vragen over geluidwerende gordijnen; werken ze wel en hoe kan het dat de geluidswerende gordijnen van DeGordijnenshop daadwerkelijk geluid weren.?

Om te begrijpen hoe een goed geluidwerend gordijn werkt is het belangrijk om te weten , wat geluid is.Geluid
bestaat uit trillingen en golven en dit heten frequenties. Iedereen weet dat een schel en hoog geluid een hoge frequentie heeft en een basgeluid een lage frequentie. Geluidgolven kunnen worden tegen gehouden door massa of gewicht.

Hoe meer massa hoe beter het effect.Denk bijvoorbeeld aan geluidswerende schermen langs de autoweg, dit zijn altijd grote dikke zware elementen.Dit beeld hebben wij trachten te vertalen naar stof.Wij hebben daarvoor de stof Soundkiller ontwikkeld.Dit is een volumineus gemaakte stof van 100% katoen, brandvertragend en weegt ca 550 gram/m2.Dit is zeer zwaar voor een gordijnstof.De gemiddelde gordijnstof weeg 150-250 gram/m2.

Met speciale machines kunnen we 6 lagen van deze Soundkiller verwerken en dan hebben we het over een gordijn van ca 3300 gram/m2.De zwaarste gordijnen van Nederland.Wij, van DeGordijnenshop, waren overtuigd van de werking , maar hoe kunnen we de rest van de wereld overtuigen.???Dit doen wij door aandacht te schenken aan 3 factoren;

  1. Klanten reviews
  2. Testen van de Geluidswerende gordijen
  3. Helder en open communiceren

Klanten reviews:

Hoi, Jos,

Ik zou mettertijd nog even een klein ervaringsberichtje sturen dus hierbij :

 “In eerste instantie was ik erg sceptisch over de geadverteerde kwaliteiten van deze Noisekiller gordijnen maar moet zeggen dat ik inmiddels een gelover ben geworden.

Mijn appartement bevind zich op de 2de etage tegenover een lagere school en een kinderopvang die de nodige decibels aan geluid opleveren.

Ik zag in de de test-rapporten van de gordijnen dat deze ook erg goed zouden werken in het blokkeren van de hogere frequenties dus besloot het risico te nemen en de investering te maken.

Niet alleen is het geluid van spelende kinderen met zo’n 75% afgenomen maar ook zaken als plantsoen-onderhoud (grasmaaimachines, bladblazers) en de vuil ophaal dienst zijn hoorbaar afgenomen.

Tevens is mijn slaapkamer nu echt aardedonker als de gordijnen gesloten zijn wat ook een flinke verbetering in mijn nachtrust heeft opgeleverd.

Al met al is het een goeie investering geweest die ik al veel eerder had moeten maken.”

Met vriendelijke groet,

Vincent’

Om te voorkomen dat wij overkomen als partijdig of vooringenomen vinden wij het belangrijk om de ervaringen van onze klanten te delen. Zij zijn kritisch, hebben zich dezelfde vragen gesteld en kunnen door hun ervaring onbevangen hun mening geven. Wij hebben alleen gevraagd , mogen wij deze ervaringen delen.? Zo treft u met hun toezegging hun bevindingen op onze site.

Testen van de Geluidswerende gordijen

Testen van de geluidswerende gordijnen met het testen van de geluidswerende gordijnen stel je je open en kwetsbaar op. Iedereen kan lezen welke waarden in Db , die geweerd worden bij welke gewichtsklasse. Een van de geluiden die de klanten vaak wensen te weren, zijn stemgeluiden.

Menselijk stemgeluid bestaat uit hoge frequenties en lage. Uit het onderzoek komt nu naar voren dat met name de hoge frequenties bovengemiddeld goed worden geweerd. Dit kunt u HIER terug zien in het testrapport.

Wat betekend dit in de praktijk.? Dit betekend dat de hoge, schelle en als meest irritant ervaren geluiden zeer goed worden geweerd. Het restgeluid wat over blijft wordt als zacht, vriendelijk en als niet storend ervaren. 

Helder en open communiceren. 

Eerlijkheid duurt het langst, is een bekend spreekwoord. Dit is ook precies wat we willen , een product opbouwen wat ERTOE DOET. Een product wat bestaansrecht heeft.

Wij zijn open en makkelijk bereikbaar, staan open voor alle vragen en hopen door deze openheid een sfeer van toegankelijkheid te maken.Wij zijn open en makkelijk bereikbaar, staan open voor alle vragen en hopen door deze openheid een sfeer van toegankelijkheid te maken.